Valle d'Aosta Artikelen & Blogs

Reportage

Laat jij je verleiden door Valle d'Aosta?

Gepubliceerd: 02 mar 2016 0
Tussen de hoogste bergtoppen van Europa ligt Valle d’Aosta. Niet alleen een mooie wintersportregio, maar ook heerlijk in de zomer. Zo haal je alles uit je trip.
Het Italiaanse Valle d'Aosta telt vier bergtoppen van meer dan vierduizend meter, twee natuurparken en meer dan tweehonderd bergmeren. Foto: Anita Oedit.
Het Italiaanse Valle d'Aosta telt vier bergtoppen van meer dan vierduizend meter, twee natuurparken en meer dan tweehonderd bergmeren. Foto: Anita Oedit. (© Columbus Travel 2015)


Als de sneeuw is weggetrokken, verandert Valle d’Aosta, het noordelijkste stukje Italië, in een walhalla voor outdoorliefhebbers, cultuurminnaars en gastronomen. Laat je verleiden!



Valle d’Aosta voor cultuurminnaars



Oefen je Italiaans niet te hard voor vertrek – in Valle d’Aosta heb je fiftyfifty procent kans dat je in het Frans of in het Walserdeutsch, een Germaans dialect, wordt aangesproken. Dat heeft alles te maken met de strategische Alpenlocatie, op het kruispunt van verschillende culturen. Het begon allemaal met de Romeinen, die een legerkamp in de vallei bouwden. Imposante Romeinse resten vind je bijvoorbeeld nog in het centrum van het hoofdstadje Aosta, waar toegangspoorten, een brug, de ruïnes van een amfitheater en ondergrondse gewelven aan de oudheid herinneren. In de daaropvolgende eeuwen werden door een bonte stoet vorstenhuizen en andere veroveraars forten en kastelen gebouwd, met de grond gelijk gemaakt en vervangen. De mooiste behoorden toe aan de leenheren van het huis van Savoie. Onder de paradepaardjes: Bard, een fort bovenop een steile rots bij het gelijknamige plaatsje, en de Castello di Fénis, een droom van een kasteel met kunstschatten uit de vijftiende eeuw. In de oude bergdorpen van Valle d’Aosta kun je ook nog traditionele architectuur van de Walser, het alpenvolk dat hier sinds de achtste eeuw leeft, bewonderen: eeuwenoude, op rotsstenen gebouwde houten woningen en schuren. In de omgeving van Gressonay vind je een van de dichtste concentraties van Walserarchitectuur en het Walser Museum.



Valle d’Aosta voor hikers



In je vizier: frisgroene alpenweiden en watervallen die van bergen afkletteren. In je neusgaten: de bedwelmende geur van dennenbossen. In je oor: koeienbellen, waarvan het gerinkel als een strak geregisseerd concert uit het dal opstijgt. Voor hikers is Valle d’Aosta een run-away hit – de regio telt vier bergtoppen van meer dan vierduizend meter, twee natuurparken en meer dan tweehonderd bergmeren. In de zomer kun je kiezen uit talloze dagwandeltochten, meerdaagse trektochten en bergbeklimmingen. De trots van de regio zijn de twee Alta Via routes. Nummer 1 (Alta Via dei Giganti) snijdt dwars door de vallei, van Courmayeur in het westen naar Gressoney-Saint-Jean in het oosten. Je wandelt aan de voet van de hoogste bergen van Europa: Monte Rosa, de Matterhorn en de Mont Blanc. De weg is opgedeeld in dertien etappes die elk drie tot vijf uur duren, dus je kunt tussentijds de tocht naar believen afbreken. Mooi is de vallei van Gressoney, een smal en lang litteken van de Lysekammgletsjer, in het noordoosten. Wandel bijvoorbeeld in een paar uur op je gemak van het plaatsje Gressoney La Trinité naar de berghut Rifugio Alpenzu. Hier staat een warm bed voor je klaar en wordt naar onze bescheiden mening de beste polenta van Valle d’Aosta geserveerd. De stevige maïspap van het arme volk is het lekkerst met kaas en stukjes in rode wijn gedrenkte biefstuk.



Valle d’Aosta voor fietsers



Twee wielen en een frame is alles was tussen jou en de Alpen staat. Met 21 verharde fietsroutes en een slordige duizend kilometer aan mountainbiketrails is je lastigste opgave een keuze te maken. Fiets op je gemak langs wijngaarden en middeleeuwse kastelen of race off-road van de Alpen af. Tussen april en november maak je een van de mooiste mountainbiketochten door het Nationaal Park Gran Paradiso, in het zuiden van de vallei. Begin in het bergdorpje Cogne en fiets door bergweides en langs meren en de Lillaz-watervallen. Grote kans dat je de wilde dieren van het gebied tegenkomt: steenbokken, gemzen, lammergieren en zelfs arenden. Het letterlijke toppunt voor iedere rechtgeaarde mountainbiker is een tripje met de Helibike. De helikopter brengt je op grote hoogte in het nationaal park zodat je midden in de wilde natuur aan je afdaling kunt beginnen. Een even spectaculaire afdaling maak je in een aantal skigebieden, waaronder Pila en La Thuile, die in de zomer de liften draaiende houden. De pistes worden dan omgetoverd tot afdalingen die zeer geschikt zijn voor zowel eenvoudige als veeleisende mountainbiketochten.



Valle d’Aosta voor zonaanbidders



De Mont Blanc, of Monte Bianco in goed Italiaans, bestaat uit de hoogste pieken van Europa laat zich in Valle d’Aosta van zijn zonnige zuidzijde zien. Vanuit het dorpje La Palud kun je de kabelbaan (Funivie Monte Bianco) nemen naar Punta Helbonner op 3462 meter hoogte om maximaal van de zon en het uitzicht over het Mont Blancmassief en de vallei te genieten. Je kunt daarna afdalen naar het Franse Chamonix en terug per bus door de Mont Blanctunnel. Trek er een volle dag voor uit.



Dit artikel is geproduceerd door Columbus Travel (© Columbus Travel 2015)


deel dit artikel met je vrienden:
 

Laat een reactie achter

Er zijn nog geen reacties achter gelaten.

log in met je Reisreporter account of met Facebook als je zelf een reactie wilt achterlaten.

Meer Valle d'Aosta artikelen