Paramaribo

Reisgids

Beste reistijd

Foto's

Praktisch

Paramaribo image

Warm onthaal in Suriname

Paramaribo
Suriname
Biniro

Warm onthaal in Suriname

Onze grensovergang van Frans Guyana naar Suriname was weer een memorabele. 's Ochtends hadden we in Cayenne de minibus naar de grensplaats St. Laurent de Maroni gepakt. Gelukkig zat de bus snel vol en hoefden we maar een half uurtje te wachten op het vertrek. De chauffeur reed wel als een idioot, maar wat kun je daar aan doen behalve je gordel extra strak aantrekken en je verstand op nul zetten? Toen we aankwamen in St. Laurent begon het feest. Onze bus werd werkelijk bestormd door een groep jongens die allemaal wilden dat we in hun bootje naar de overkant (Albina in Suriname) zouden varen. We konden nog net op tijd onze rugzakken in veiligheid brengen, want die lagen al bijna bij een jongen in zijn boot. Ze begonnen allemaal te trekken, te duwen en te schreeuwen. Totaal overdonderd door dit geweld, bleven wij naast de minibus staan. Waar was de douane, hoe konden we een stempel in ons paspoort krijgen?

Onze chauffeur vertelde ons dat we met een vriend van hem mee moesten gaan, maar de anderen accepteerden dat niet. Ze bleven maar om ons heen cirkelen en schreeuwen. De chauffeur kreeg uiteindelijk medelijden met ons, laadde ons weer in het busje en reed ons naar het douanekantoor. Hij vertelde dat zijn vriend te vertrouwen was, maar dat de andere jongens alleen maar op onze bagage uit waren. We besloten dus met zijn vriend mee te gaan op de boot. Binnen vijf minuten waren we overgevaren naar Suriname. Helaas stonden daar dezelfde jongens weer die vliegensvlug achter ons aan waren gevaren. Nu probeerden ze ons in een taxi naar Paramaribo te praten. Ze hadden inmiddels door dat wij Nederlanders waren en bestookten ons dus in onze eigen taal. Binnen een paar seconden stond een van hen al op de boot en hij had mijn rugzak al in zijn handen. De bootman verzocht hem verre van vriendelijk om zijn boot onmiddellijk te verlaten en daar luisterde hij zowaar naar.

Suriname, man!
Vervolgens liep hij echter met kleren en al het water in om mij alsnog te overtuigen dat hij toch echt DE man was. Ik werd echt helemaal gek van die kerel. Gelukkig besloot de bootman ons ook te redden en ons met de boot naar het douanekantoor te brengen. Hij belde gelijk weer een andere vriend die bij aankomst klaarstond om ons met de taxi naar Parimaribo te rijden. Na de stempel van de douane, kregen we nog tassencontrole. Toen we echter Nederlands bleken te spreken, mochten we onze rugzakken ongeopend weer meenemen. Helemaal uitgeblust namen we plaats in het taxibusje. Pff, wat een grensovergang.... De chauffeur verstond ons natuurlijk en zei: dit is Suriname, man!

De grensovergang was trouwens zo lek als een mandje. Iedereen kan zo de rivier oversteken en meteen in een taxi stappen naar Paramaribo. Geen hond die er naar kraait. En dat doen de meeste mensen dan ook. Je krijgt alleen een probleem als je op de luchthaven niet in het bezit van een visum blijkt te zijn. Maar aangezien de meeste Frans Guyanen gewoon weer op dezelfde manier het land verlaten (met het bootje), komen ze hier negen van de tien keer mee weg.

Verfje
Na een taxirit van twee uur kwamen we uiteindelijk in Paramaribo aan. Het begon te regenen en de temperatuur buiten daalde van 35 naar 23 graden. Wij waren zo blij als een kind, maar helaas was deze kolete maar van tijdelijke aard. De volgende morgen vielen de mussen weer gewoon spreekwoordelijk van het dak af. Paramaribo is echt een geweldige stad, of beter gezegd, een groot dorp. Er staan geweldig mooie historische gebouwen, al kunnen de meeste wel een verfje gebruiken. De meeste gebouwen die wel strak in de verf staan, hebben een subsidie van Nederland ontvangen. Gisteren hebben we lekker door de stad geslenterd. Het onafhankelijkheidsplein bekeken, het presidentieel paleis, de Palmentuin, Ford Zeelandia (alleen van buiten, was al gesloten) en de moskee die heel gebroederlijk naast een synagoge (!) staat. Heerlijk Surinaames gegeten, maar we hebben ook al onze eerste Hollandse poffertjes verorberd. De sfeer in Parbo (zoals de Surinamers de stad liefkozend noemen) is heel relaxed en rustig. Niemand die ons meer lastig valt op straat, heerlijk. De openingstijden zijn ook heel relaxed. Zo sluit het postkantoor al om 14.00 uur 's middags en Mats en Bianca stonden natuurlijk om 14.05 voor de deur....


Het land van mijn vader
Suriname heeft voor mij toch ook wel een bijzondere betekenis, omdat mijn vader hier vroeger (rond 1968 of zo) twee jaar in dienst heeft gezeten als hospik. Onze hele jeugd zijn we bestookt met stoere verhalen, foto's en dia's over dit land en ons hele huis hing vol met souvenirs. De huid van de slang die hij met zijn eigen blote handen in de jungle had gedood (not), was natuurlijk wel het hoogtepunt. Ook maakten we altijd grapjes dat we vast nog wat halfbroers of -zussen in Suriname rond hadden lopen. Tot nu toe nog niemand gespot die enige gelijkenis met mijn vader vertoont! Ik weet zeker dat hij het heel gaaf had gevonden dat ik zijn favoriete land nu met eigen ogen kan bekijken en diep van binnen doet het ook een beetje pijn dat ik dit niet samen met hem kan beleven.

Maandag gaan we op tour naar het binnenland van Suriname. Met een klein vliegtuigje de jungle in en daar enkele dagen kennismaken met de lokale bevolking. Hebben we echt super zin in! Morgen willen we op de fiets de oude plantages in Crommewijne gaan bezoeken. Genoeg te beleven dus!

Foto's

74503.jpg
74503.jpg
Biniro
81b3b.jpg
81b3b.jpg
Biniro
63d90.jpg
63d90.jpg
Biniro
63d90.jpg
63d90.jpg
Biniro
ca2f9.jpg
ca2f9.jpg
Biniro
74503.jpg
74503.jpg
Biniro
63d90.jpg
63d90.jpg
Biniro