Australië

Reisgids

Reistips

Nieuws

Beste reistijd

Regio's en steden

Foto's

Praktisch

Australië image

Deel 5 Australië - Lady Elliot Island

Australië
Oceanië
Ellen69

Deel 5 Australië - Lady Elliot Island

Deze blog is deel 5 van de beschrijving van mijn rondreis door Australië, die ik met mijn lief maakte van maart tot juli 2019. Onze reis begint medio maart 2019 in Melbourne, en eindigt half juli in Perth. In elk deel van mijn blog neem ik je een stukje mee op onze reis.

 

15 tot 18 april: Zeeschildpadden en rifhaaien

Op maandagmorgen vertrekken we vanaf Bundaberg Airport naar Lady Elliot Island – het meest zuidelijke eiland van het Great Barrier Reef. Die ochtend schijnt de zon ons stralend tegemoet, wat voelt als een mooie belofte voor de dagen die gaan komen. Een boarding pass krijgen we niet voor deze vlucht; de piloot komt ons ophalen op de aangegeven tijd, en met nog een vijftal anderen stappen we in een vliegtuigje waar maximaal 14 passagiers in kunnen. Fantastisch, zo ‘klein’ hebben wij niet eerder gevlogen. Gedurende de korte vlucht van een half uur verdwijnt de glimlach niet van mijn gezicht. We zien de kustlijn van Bundaberg onder ons verdwijnen en plaats maken voor de eindeloze blauwe vlakte van de Koraalzee, waarna de contouren van het piepkleine koraaleiland voor ons opdoemen, en zich steeds scherper aftekenen. De piloot landt het vliegtuigje op de landingsbaan die begint aan een kant van het eiland, en stopt net voor het toestel aan de andere kant van het eiland weer de oceaan in zou rijden – groter dan dit is Elliot Island niet. Er is ook slechts 1 resort – de drie nachten hier slapen wij in een zogenaamde eco-cabin; de goedkoopste optie: een basic canvas huisje met twee stapelbedden, een kast en een nachtkastje. Voor toilet en douche lopen we naar het gemeenschappelijke huisje iets verderop. 

Het eiland is in wezen een vogeleiland, en dat is te zien (overal vogels), te ruiken (vogelpoep), en vooral ’s nachts ook te horen. Het canvas houdt geluiden niet tegen, en als de nacht valt, horen we vogels huilen als baby’s, alsof ze ons roepen vanuit een aanpalende slaapkamer. Ze houden ons met regelmaat uit onze slaap – en dan dringt tot ons door waarom er oordopjes voor ons klaarliggen. Mijn lief maakt er dankbaar gebruik van, en hoort daardoor ook niet meer de hevige stortbuien die die eerste nacht op ons dak neerdalen. Eenmaal onderzoeken we, gewapend met zaklamp, welke vogels dit alles doordringende geluid produceren, maar het geheim blijft voor ons verborgen omdat het uit een gat onder onze cabin blijkt te komen. Is het een nestje ‘black noddy’s’, vogels die hier in zeer groten getale aanwezig zijn, en werkelijk iedere tak van elke boom bezetten? En die in groepjes op het pad bij elkaar zitten en als roddeltantes uiteen gaan als we naderen? Of zijn het geelbandrallen, de ondeugend/brutale vogeltjes die voortdurend om je heen scharrelen om alles wat eetbaar is – zodra ze kunnen – van je weg te graaien? Eenmaal heeft mijn lief vergeefs twee rondjes om de cabin achter het vogeltje aangerend, nadat het stoutmoedig een cakepapiertje had weggegrist. 

De verstoorde nachtrust terzijde, biedt het resort ons wat we nodig hebben, en de (buffet)maaltijden zijn heerlijk. En wat een oord! Een grote lagune aan de oostkant van het eiland biedt gelegenheid tot snorkelen als het water hoogtij is – als wij er zijn is dat een tot enkele uren op de vroege ochtend, en een tot enkele uren in de late namiddag. Ik waan me in een andere wereld zodra mijn snorkelbril het water raakt. We bewegen ons rustig voort tussen de (voornamelijk harde) koralen, waar ik me vergaap aan de fel blauwe zeesterren en de vele variaties koraalvisjes in de prachtigste kleuren. Adembenemend wordt het als we onze eerste zeeschildpad ontmoeten; terwijl we een eindje met haar mee zwemmen bewonder ik haar prachtige schild en de elegante bewegingen, tot ze zich nestelt onder het koraal en lijkt te gaan slapen. Er zullen veel meer van dit soort ontmoetingen volgen – de lagune van Elliot Island is een vaste woon- en verblijfplaats van vooral de groene schildpad. 

Aan de westkant van het eiland is er snorkelgelegenheid tussen de vuurtoren en de ‘coral gardens’, waarbij wordt gewaarschuwd voor de sterke stromingen buiten dit gebied – die kunnen je meetrekken de oneindig blauwe diepte in. De richting en sterkte van de stroming bepaalt waar je het best kunt beginnen met snorkelen, en om die reden vragen we steeds bij het info-/duikcentrum van het resort advies voor we het water opzoeken. We hebben geluk, twee dagen lang is de zee kalm, en kunnen we boven de blauwe diepte zweven, waar tussen de koralen talloze papegaaivissen, vlindervissen, en wat al niet meer ons blijven verwonderen. Prachtig, hoe scholen vissen als zijnde gewichtsloos in nimmer veranderende formaties bij elkaar lijken te zweven in deze driedimensionale, kleurrijke, verstilde wereld.

Mijn lief staat onder water op alert voor onbekende, onverwachte ontmoetingen. Niet voor niets: vlak voor we ons ‘thuis’ station bereiken (de mand waarin je je rifschoenen achterlaat als je die verruilt voor je flippers) zwemt er onverwacht een grote rifhaai vlak voor hem langs. En al wordt er gezegd dat ze ongevaarlijk zijn – ze boezemen ontzag in, bij mijn lief zit de schrik er even goed in. 

We varen per boot (met glasbodem) uit vanaf de vuurtoren, waar we na korte tijd zien waar dit gebied om bekend staat; een mantarog. De vis – met een spanwijdte van zo’n zes meter - glijdt met rustige slagen onder onze boot door, en de tijd lijkt te vertragen als we ademloos deze ontzagwekkende vis aanschouwen. We krijgen te horen dat ze vooral bij het ochtendgloren hier te vinden zijn, om zich van ongewenste parasieten te laten ontdoen door de kleine koraalvissen. 

Na drie dagen genieten is het helaas weer tijd afscheid te nemen van Lady Elliot Island.