Johannesburg reisblogs

Leven in een sloppenwijk (1)

ps was er (tot 24 nov 2011) Gepost op 24 nov 110 reacties

Vettige en onwelriekende modder, vermengd met allerlei soorten olie, ijzerroest, rottend afval en uitwerpselen van uiteenlopende, beter niet nader te benoemen aard, spettert bij iedere stap die we nemen tot kniehoogte op. Meisjes in hagelwitte jurkjes passeren ons verlegen edoch vriendelijk groetend. Geuren, die doen denken aan fietstochtjes in de zomer langs waterzuiveringsinstallaties, prikkelen niet alleen de neus maar ook de ogen en vermengen zich tot een kakofonie aan geuren. We moeten oppassen niet om de paar meter op een van de vele luidruchtig schichtig rondschietende kippen te gaan staan. Deze zijn immers de spaarbankboekjes of voorraadkast van de bewoners. In de etalages van de talloze slagers hangen halve koeien, varkens en geiten te wachten op hun volgende eigenaar. Ongekoeld, in de volle zon en vergeven van de vliegen. Dezelfde vliegen die ik een moment eerder nog van me af heb moeten slaan nadat ik ze hun eitjes heb zien leggen in de alom aanwezige, al dan niet verse, geitenkeutels. Niet in het minst gehinderd door het vroege tijdstip, bereikt ons van alle kanten luide country of reggae muziek. Deze bijzondere mix wordt geproduceerd door radio’s van een divers pluimage, van gettoblasters tot transistorradiootjes die vrolijk meedoen in hun poging om de luidste te zijn en allen zijn van onbekende Chinese makelij. Dit laatste is duidelijk te horen. Overstemd worden deze vrolijke geluiden door het, al dan niet, ritmische geklop van hamers op oud ijzer. Het gerecyclede metaal wordt verwerkt tot allerlei gebruiksvoorwerpen. Van speelgoedautootjes tot sleutelhangers en van gieters tot grote metalen kisten.

Laverend langs de bergen afval, ontelbare plassen en kuilen zijn de nauwe straatjes, die veelal niet breder zijn dan een halve meter, een hele uitdaging. Het meest glibberig is nog het vettige plastic dat hier overal verspreid ligt. En plastic, dat ligt hier in overvloed. Regelmatig moeten we het van onze schoenen afschudden. Uit eerdere ervaringen weten we dat we moeten proberen om het plastic zoveel mogelijk te ontwijken. Plastic zakjes worden hier gebruikt als vervanging voor de veel te weinig aanwezige toiletvoorzieningen en worden na gebruik soepeltjes het raam uit gegooid om tussen al het andere afval op straat te belanden. Dit fenomeen wordt hier schertsend de ‘vliegende toiletten’ genoemd. Des te meer reden om eventueel ontwarend rondvliegend plastic te vermijden. Ondanks alles proberen we zo goed en zo kwaad als het kan ons evenwicht te bewaren. We realiseren ons dat dit voor de bewoners een erg grappig gezicht moet zijn. Behalve dat we goed op de bodem letten moeten we tegelijkertijd ook goed uitkijken voor onze hoofden. De daken zijn veelal gemaakt van platen aluminium. Deze steken ruim over de rand en in combinatie met de smalle straatjes en het feit dat de dakranden zich vaak net op onzer ooghoogtes bevinden, maakt dat het ongeschonden hier doorheen lopen voor ons een hele opgave is. Tussen de daken zijn lijnen gespannen welke de vrolijk gekleurde vers gewassen kleding bijna hypnotisch laat wapperen. Kinderen welke vaak niet meer dragen dan alleen een shirtje, hebben zichtbaar plezier in het kleien van diverse voorwerpen met de vuile modder en hebben nog meer schik als ze ons langs zien komen. Als door een wesp gestoken roepen ze allemaal tegelijk naar ons. Mzungu, mzungu! (blanke, blanke!), is wat we uit de schelle keeltjes te horen krijgen.

Hoewel het nog erg vroeg is, bereiken ons allerlei geuren van een diversiteit aan in olie gebakken gerechtjes. Soms zien we iemand in de buitenlucht eten bereiden, maar veelal banen de geuren zich door de kleine raampjes van de hutjes een weg naar buiten. Het moet een bedrijvigheid van jewelste zijn in die kleine huisjes. We onderscheiden duidelijk mandazi (een soort van plat geslagen oliebollen), gebakken kippenpootjes en de alom veel te lang gefrituurde vis. De vrouwen in de sloppenwijk proberen wat te verdienen door deze zelfgemaakte etenswaren te verkopen aan de enkeling die trouw elke dag naar de stad gaat in een poging om daar als dagwerker aan de slag te kunnen gaan. Maar voor bijna iedereen in deze sloppenwijk geldt dat men de dagen zonder werk afsluit. Veel verkopen doen deze vrouwen zodoende niet. Wij zijn inmiddels bijna anderhalf uur onderweg en hebben een beetje trek gekregen. Struinend langs al die etenswaar verkopende raampjes, besluiten we toch maar weer voor de mandazi te gaan.

Wordt vervolgd....

ps Positie 6140 (0 p.) Lid sinds 20-09-2011 Foto's en tips: 0 Blogs: 2 Fans: 0

Foto's bij deze blog

blogfoto nr. 1
Vanuit elk hoekje en gaatje bereiken ons de heerlijkste geuren....
blogfoto nr. 2
Kinderen, welke vaak niet meer dragen dan....
blogfoto nr. 3
Jongetje vermaakt zich met oude bezem.
blogfoto nr. 4
Mandazi, een lust voor neus en tong....
deel dit artikel met je vrienden:

Andere blogs van deze gebruiker

Leven in een sloppenwijk (2)
4 0
Gepost op 24 november
Zuid-Afrika Johannesburg

Laat een reactie achter

Meld je aan of log in met je Reisreporter account of met Facebook als je zelf een reactie wilt achterlaten.